De rekening die het vaakst pijn doet is niet de operatie maar de stapel ertussenin: het consult, het bloedonderzoek, de kuur, de controle twee weken later. Bij een uitgebreide dekking zitten die erbij, en dat verandert vooral iets aan het moment waarop je besluit om te gaan.
Waar je op let
- Chronische medicatie. Dit is de post waar het bij een oudere hond op vastloopt. Kijk of herhaalrecepten meetellen en of er een apart maximum voor geldt.
- Het jaarmaximum per aandoening in plaats van per polis. Bij een chronische aandoening is dat het getal dat telt.
- Vrije dierenartskeuze. Niet elke polis vergoedt bij elke praktijk hetzelfde percentage.
- Of een verwijzing verplicht is voor een specialist of een spoedkliniek. Dat merk je pas op het slechtste moment.
Wanneer dit zich terugverdient
Ruwweg zodra je hond meer dan twee of drie keer per jaar bij de dierenarts komt om iets anders dan de jaarlijkse prik. Bij een gezonde hond van vier is dat vaak niet zo; bij een hond van tien bijna altijd wel. Dat is meteen het eerlijke tegenargument: verzeker je een jonge, gezonde hond, dan betaal je hier een aantal jaren voor iets wat je niet gebruikt.
Het gebit valt hier meestal buiten
Gebitsbehandelingen zitten bij de meeste verzekeraars in een aparte module of vallen er helemaal buiten, ook bij een uitgebreide dekking. Wil je dat wél, kijk dan naar het complete pakket en lees precies wat er onder gebit wordt verstaan: een gebitsreiniging is iets anders dan een kies trekken.