Een kattenverzekering kiezen lijkt op een hondenverzekering kiezen, maar de risico's liggen anders. Bij een kat zit het geld zelden in één grote orthopedische operatie. Het zit in het gebit, in de urinewegen, in de nieren op leeftijd, en bij een buitenkat in ongelukken. Wie een polis beoordeelt op wat een hondenpolis moet kunnen, kijkt hier naar de verkeerde bepalingen.
Deze gids loopt langs wat bij een kat werkelijk telt, en onderaan staat de test die het voor jouw kat doorrekent.
Wat je hier niet vindt
Geen premies en geen ranglijst van verzekeraars. Een premie hangt af van leeftijd, ras en postcode, dus elk bedrag dat wij noemen is voor bijna iedereen het verkeerde bedrag. En zodra je op premie rangschikt, wint altijd de polis die het minste dekt. Wij zeggen welke dekking je nodig hebt. Welke maatschappij die het scherpst aanbiedt, zoek je daarna zelf uit.
Drie dingen die bij een kat anders zijn dan bij een hond
- Het gebit is geen bijzaak. Resorptieve laesies, waarbij tandweefsel van binnenuit oplost, komen bij een groot deel van de volwassen katten voor. Het doet pijn, je ziet het van buiten nauwelijks, en de behandeling is extractie onder narcose. Bij één kat blijft het zelden bij één keer.
- Een kat verbergt klachten. Dat is overlevingsgedrag: zwakte tonen maakt je een doelwit. In de praktijk betekent het dat je later ontdekt dat er iets is, en dat een lage drempel om te gaan kijken bij een kat meer waard is dan bij een hond.
- Binnen of buiten verandert het hele risicoprofiel. Buiten: aanrijdingen, beten en abcessen. Binnen: urinewegen en overgewicht. Zie binnen- of buitenkat.
De vraag die vooraf gaat: verzekeren of zelf sparen
Een verzekeraar haalt bij alle klanten samen meer op dan hij uitkeert. Anders bestaat hij volgend jaar niet meer. Je koopt dus geen goede deal maar het wegnemen van een klap die je niet kunt hebben. Bij een kat vallen de bedragen bovendien lager uit dan bij een grote hond, want narcose en medicatie gaan op gewicht. Een buffer dekt hier dus een groter deel van wat er kan gebeuren. Zie verzekeren of zelf sparen.
De drie vormen
- Basis: operaties en ongevallen. Dekt wat je niet kunt uitstellen.
- Uitgebreid: ook consulten en medicijnen. Verlaagt de drempel om te gaan, en dat is bij een kat het punt.
- Compleet: ook preventie en gebit. Bij een kat is de gebitsmodule het onderdeel dat de rekensom kan omdraaien. De preventie meestal niet.
De vier bepalingen waar het op vastloopt
- Het maximum per jaar, en of er daarnaast een maximum per aandoening geldt.
- Bestaande aandoeningen. Wat bij het afsluiten bekend is, valt overal buiten. Bij katten is dat vaak een eerdere blaasontsteking, en juist die komt terug.
- De wachttijd, de periode waarin je denkt gedekt te zijn.
- De instapleeftijd. Katten worden oud. De deur gaat eerder dicht dan je denkt.
Doe de test
Zeven vragen over je kat en je situatie. Je krijgt geen polis maar een dekkingsprofiel: welke vorm bij je past en waarom, inclusief de uitkomst dat je beter niets kunt afsluiten als dat het eerlijke antwoord is.