Ongeveer de helft van de katten in Nederland is te zwaar, en bij katten is dat gevaarlijker dan bij honden. Niet alleen vanwege suikerziekte en artrose, maar vooral omdat de oplossing risico's heeft: een kat die te snel afvalt of een paar dagen niet eet, kan leververvetting krijgen. Dat is een acute, levensbedreigende aandoening. Afvallen kan dus prima, maar alleen langzaam en met controle.
Eerst kijken of het echt zo is
Voel met vlakke hand langs de ribben: je hoort ze te voelen onder een dun laagje vet. Kijk van bovenaf: er hoort een lichte taille achter de ribben te zitten. Kijk van opzij: de buik hoort niet door te hangen.
Eén ding dat vaak voor vet wordt aangezien: het buikvelletje dat bij veel katten voor de achterpoten heen en weer zwaait. Dat is een normaal huidplooitje en bij een slanke kat net zo goed aanwezig. Beoordeel dus de ribben en de taille, niet de schommel.
Een kat van vijf kilo die vier zou moeten wegen, is vijfentwintig procent te zwaar. Bij zo'n klein dier is één kilo dus enorm; je dierenarts kan het streefgewicht bepalen.
Het tempo is hier het belangrijkste getal
Een halve tot één procent van het lichaamsgewicht per week. Voor een kat van vijf kilo is dat 25 tot 50 gram, dus reken op maanden. Sneller is niet ambitieus maar riskant.
Stopt je kat met eten, wacht dan niet af. Twee tot drie dagen nauwelijks eten is bij een te zware kat al genoeg om de lever te laten vervetten. Bel dezelfde dag je dierenarts. Een dieet dat je kat niet lust, is daarmee geen dieet maar een risico.
Wat wél werkt
- Reken op het streefgewicht. Bepaal de portie op basis van het gewicht dat ze zou moeten hebben, niet op wat ze nu weegt; de rekenwijze staat in hoeveel voer een kat per dag nodig heeft.
- Weeg de portie op een keukenweegschaal en verdeel hem over drie tot vier kleine maaltijden. Een schepje op gevoel zit er zo twintig procent naast.
- Meer natvoer. Er zit minder energie in dezelfde hoeveelheid, dus je kat krijgt een vollere bak bij minder calorieën. Zie nat of droog.
- Houd het eiwit hoog. Minder calorieën, niet minder eiwit: eiwit beschermt de spiermassa die je juist wilt behouden.
- Laat haar werken voor het eten. Een voerbal of puzzelbak vertraagt het eten en geeft haar iets te doen. Verstop kleine porties door het huis; jagen zit nog steeds in het systeem.
Meerdere katten in huis
Dit is de plek waar de meeste diëten stranden: de ene kat eet de bak van de andere leeg. Wat helpt is voeren in aparte ruimtes met de deur dicht, gescheiden voertijden in plaats van de hele dag een volle bak, en de bak van de slanke kat hoog neerzetten als de dikke niet springt. Er bestaan ook voerbakken die alleen opengaan bij de chip van één kat.
Meten en bijstellen
Weeg elke twee weken, op dezelfde weegschaal. Valt ze niet af, verlaag de dagportie dan met ongeveer tien procent en meet drie weken later opnieuw. Valt ze sneller af dan één procent per week, doe er dan juist iets bij.
Ga naar de dierenarts als je kat bij een correct berekende portie niets kwijtraakt, als ze veel drinkt en plast (dat kan op suikerziekte wijzen) of als ze juist onbedoeld afvalt. Onbedoeld gewichtsverlies is bij een kat nooit goed nieuws, ook niet als ze te zwaar was.