Vlooienmiddel

Vlooien- en tekenmiddel kiezen: pipet, tablet of band voor jouw dier?

Eerst je diersoort, dan je situatie. De middelen verschillen, en één ervan is voor de andere soort giftig.

Een vlooienmiddel kiezen begint bij de diersoort, en hier is dat geen formaliteit. Een deel van de middelen voor honden bevat permethrin of deltamethrin, en dat is voor een kat giftig: een halve hondenpipet op een kat is een van de meest voorkomende vergiftigingen die een dierenarts ziet. De twee keuzehulpen hieronder staan daarom los van elkaar, en de ene noemt nergens een middel van de andere.

Daarna is de vraag niet welk merk, maar welke vorm en welke situatie: pipet, kauwtablet of halsband, en of je dier buiten komt, zwemt, jong is, of naast andere dieren woont.

Wat voor allebei geldt

  • De gewichtsklasse is een grens. Middelen worden per klasse verkocht; te weinig werkt niet en te veel is niet veiliger.
  • Vijf procent zit op het dier. Zie je vlooien, dan zit de rest als ei, larve en pop in huis. Behandel alle dieren tegelijk en pak de omgeving aan.
  • Geen enkel middel voorkomt een tekenbeet. Het zorgt dat de teek doodgaat voordat hij iets overdraagt. Controleren na een wandeling blijft zinvol.
  • Soms is het eerlijke antwoord: minder. Een stadshond of een binnenkat heeft geen tekenmiddel nodig, en beide keuzehulpen zeggen dat als het zo is.