Bij een pup begint de keuze niet bij de vorm maar bij twee getallen: de leeftijd en het gewicht vanaf wanneer een middel mag. Voor de meeste pipetten en tabletten is dat acht weken en twee kilo, voor een enkele band zeven weken. Onder die grens is er weinig dat mag, en dat is bewust: het middel is berekend op een lichaam dat groter is.
Waar je op let
- Vraag de fokker of het asiel wat er al gegeven is. Een pup die ontvlooid en ontwormd is meegekomen, hoeft niet op dag één opnieuw. Vraag om de datum en het middel en schrijf ze op.
- Weeg elke maand. Een pup groeit in een paar maanden een gewichtsklasse op. Het middel dat in maart paste, is in juni te licht.
- Vlooienkam tot de grens. Onder acht weken of twee kilo is kammen en de mand wassen het middel. Zie je dan al vlooien, bel de dierenarts: er zijn middelen die eerder mogen, maar niet zonder overleg.
En ontwormen
Een pup wordt tot de leeftijd van een half jaar veel vaker ontwormd dan een volwassen hond: op twee, vier, zes en acht weken en daarna maandelijks. Dat is een ander middel op een ander ritme, en het hoort niet in dezelfde pipet. Combineer het niet zelf. Vraag het schema aan de dierenarts bij de eerste enting.
Het eerlijke voorbehoud
Een pup die uit een nest met vlooien komt, kan er zoveel hebben dat hij bloedarmoede oploopt. Bleek tandvlees en sloomheid zijn dan geen kwestie van een pipet maar van een dierenarts, dezelfde dag nog.