Een teek is een kleine spinachtige die in hoog gras en struiken wacht tot er iets warms langskomt. Een kat die door de tuin en over het weiland loopt, komt ze tegen van maart tot in november. Katten wassen zichzelf grondig en halen daarbij een deel van de teken zelf weg, en ze worden minder vaak ziek van een tekenbeet dan honden. Maar een teek die vastzit in de nek of achter het oor zit buiten bereik van de tong, en die zie je pas als hij vol is.
Verwijderen
- Zo snel mogelijk. De bacterie van de ziekte van Lyme wordt meestal pas na een dag hechting overgedragen. Snelheid telt zwaarder dan techniek.
- Met een tekentang of pincet, vlak bij de huid. Pak de teek bij de kop en trek hem rustig recht omhoog. Bij een kat die zich verzet: in een handdoek, met twee personen.
- Niets erop. Geen alcohol, olie of vuur vooraf.
- Ontsmet de plek en noteer de datum. Een kopje dat achterblijft groeit er meestal vanzelf uit.
Waar je zoekt
Kop, oren, hals, oksels en tussen de tenen: de plekken waar de tong niet komt. Een teek voelt als een klein wratje dat er gisteren niet zat. Bij een langharige kat helpt een kam.
Wat je daarna in de gaten houdt
Ziekte na een tekenbeet is bij katten zeldzaam, maar niet onmogelijk. Koorts, sloomheid, minder eten en kreupelheid in de weken erna zijn een dierenartsbezoek, en zeg erbij wanneer je een teek hebt gevonden. Een rode kring zoals bij mensen komt bij katten niet voor.
Wat een middel wel en niet doet
Een pipet, tablet of band met tekenwerking voorkomt de beet niet. Het middel zorgt dat de teek doodgaat voordat hij lang genoeg vastzit om iets over te dragen. Een enkele teek in de vacht van een behandelde kat is dus geen teken dat het middel faalt. Voor een binnenkat is een tekenmiddel niet nodig. Voor een kat die het buitengebied in gaat wel. Zie pipet, tablet of halsband bij de kat.
Wat nooit
Een tekenband of pipet voor honden om een kat. Een deel daarvan bevat deltamethrin of permethrin, en dat is voor een kat giftig. Zie hondenmiddel op een kat.